Schaakraadsels 2019

Interne competitie, snelschaakkampioenschap, rapidcompetitie.

Schaakraadsels 2019

Berichtdoor Gerard » zo 29 sep 2019, 12:43

Even ter herinnering:

In het clubblad zijn weer 10 schaakraadsels opgenomen.
De uiterste datum voor het sturen van de oplossingen is 15 oktober 2019.
Iedereen die oplossingen naar mij stuurt heeft sowieso prijs.

De beste 3 deelnemers ontvangen zelfs een prijzenpakket!
(NB Er zijn nu nog geen 3 inzenders!}

Doe dus allemaal mee!
Gerard
 
Berichten: 39
Geregistreerd: di 19 okt 2010, 21:01

Re: Schaakraadsels 2019

Berichtdoor Gerard » za 12 okt 2019, 19:31

Nog maar een paar dagen om in te sturen!
Vergeet het niet.
Gerard
 
Berichten: 39
Geregistreerd: di 19 okt 2010, 21:01

Oplossingen Schaakraadsels 2019 (opgaven 1 tm 3)

Berichtdoor Gerard » wo 23 okt 2019, 22:13

Er hebben 3 leden oplossingen voor de 10 schaakraadsels in het clubblad ingestuurd.
Pieter, Sjoerd en Tinus zijn dus de prijswinnaars!

Ik zal de komende dagen de opgaven plus oplossingen (in etappes) op het Forum zetten.
De lezer heeft dan nog een laatste kans om te proberen de goede oplossing te vinden.

Vandaag de oplossingen van de eerste 3 schaakraadsels:

Opgave 1
Wit speelt en wint. Geef de eerste 3 zetten van wit.

Opgave 1


Oplossing

1. d7! (met 1. Td1? wint wit niet: 1. ... Th2 2. d7 Th1+ 3. Ke2 Txd1 4. Kxd1 Kc7 en remise; verder wint ook meteen de lange rochade niet, omdat zwart met 1. ... Ta2! dat zowel 2... Ta1+ met torenruil, als 2. ...Ta8 dreigt, remise houdt) ... Kc7 2. d8D+! Kxd8 3. 0-0-0+! en wit wint, omdat ineens Tb2 verloren gaat

Opgave 2
Wit zet mat in 2.

Opgave 2


Oplossing

1. Td5 (de loper moet zetten en dan volgt 2. Ta5 # of 2. Th8 #)

Opgave 3
Wit zet mat in 2.

Opgave 3


Oplossing

1. Pd4
1. ...Kxd6 2. Dd8#
1. ...Kxd4 2. Td2#
1. ...Loperzet 2. Dc5#
Laatst bijgewerkt door Gerard op za 26 okt 2019, 21:18, in totaal 1 keer bewerkt.
Gerard
 
Berichten: 39
Geregistreerd: di 19 okt 2010, 21:01

Oplossingen Schaakraadsels 2019 (opgave 4 en 5)

Berichtdoor Gerard » do 24 okt 2019, 21:25

Vandaag de oplossingen voor opgaven 4 en 5.

Opgave 4
Wit zet mat in 2.

Opgave 4


Oplossing

1. La4
als ..., Kxd5, dan 2. Lb3#
als ..., e4, dan 2. Dxe4#
als...., d6, dan 2. Pbc7#
als ..., f6, dan 2. Pdc7#
als ..., f5, dan 2. De7#



Opgave 5
Wit zet mat in 2.

Opgave 5


Oplossing

1. Tee8
als ..., Te2, dan 2. P4d3#
als ..., Txe8, dan 2.Txe8#
als ..., Te7,e6,e4 of e3, dan 2. Txe7,e6,e4 of e3#
als ..., f5, dan 2. Txe5#
als ..., damezet, dan Lxd2#
Laatst bijgewerkt door Gerard op za 26 okt 2019, 21:17, in totaal 1 keer bewerkt.
Gerard
 
Berichten: 39
Geregistreerd: di 19 okt 2010, 21:01

Schaakraadsels 2019 (oplossing opgave 6)

Berichtdoor Gerard » za 26 okt 2019, 21:17

Opgave 6
Een apart probleem.
Wizwa, een klein staatje in Zuid-Afrika, wordt bevolkt door blanken en zwarten. Samenleven is haast ondenkbaar. Om het leven van alledag voor alle burgers zoveel mogelijk relaxed te laten verlopen, heeft elke bevolkingsgroep zijn eigen koning. Beide vorsten zijn wijze mannen en zouden het liefst per direct een eind willen maken aan de gespannen sfeer, die door de apartheid in het leven wordt geroepen.
Op een dag hebben de koningen in het diepste geheim een ontmoeting. Er staat slechts één punt op de agenda: integratie. Na uren praten komen zij met een opzienbarende oplossing, waarvan zij de consequenties niet geheel kunnen overzien. Aangezien beide monarchen vrijgezel zijn, spreken zij af een echtelijke verbintenis aan te gaan met een dame van het andere ras. De huwelijksceremonies zullen, onder het oog van een gemêleerd gezelschap, tegelijkertijd en in dezelfde kerk voltrokken worden. De bruiden zweren met de hand op de bijbel, dat zij hun echtgenoten in goede en slechte tijden zullen bijstaan. Na de plechtige dienst begeven de pasgetrouwde stellen zich naar het bordes. Menigeen knippert met de ogen als zij de uitbundig zwaaiende vorsten naast hun opvallende eega’s zien staan, maar al gauw ontstaat er een euforische stemming. Blank en zwart valt elkaar hevig snikkend in de armen en er ontstaan spontaan nieuwe vriendschappen. Daar moet op gedronken worden! Hi ha en van ho hebben ze nooit gehoord. Vriend en vijand zijn het erover eens dat er nog nooit zo’n groot feest is gevierd in het kleine staatje Wizwa!
Witte van Zwart, een bekende journalist van Wizwa en getuige van deze historische gebeurtenissen, is geïnspireerd door deze geslaagde integratie en als schaakliefhebber componeert hij een curieus schaakprobleem, rekening houdend met de geniale vondst van beide vorsten. De probleemcomponist is zich er terdege van bewust, dat menig schaakarbiter bij het aanschouwen van de oplossing met de ogen zal knipperen! Van hen verwacht hij een fantasievol begrip.
De gelijkheid van de blanke en zwarte bevolking wordt gesymboliseerd door een symmetrische stelling. De afschaffing van de apartheid moet uiteraard worden gevierd. Zowel wit als zwart kan mat geven in vier zetten!
Geef de zetten van mat in 4 (voor wit of zwart).

Opgave 6


Oplossing

6. Belangrijk: de zwarte dame is getrouwd met de witte koning, en hoort dus bij “wit”, en andersom!.
Vanuit wit: 1.Pxf7+ Kg8 2. Ph6++ Kh8 3.Dg8+ Txg8 4. Pf7#
Vanuit zwart: 1.Pxf2+ Kg1 2. Ph3++ Kh1 3. Dg1+ Txg1 4. Pf2#
Gerard
 
Berichten: 39
Geregistreerd: di 19 okt 2010, 21:01

Oplossingen Schaakraadsels 2019 (opgave 7 en 8)

Berichtdoor Gerard » di 29 okt 2019, 23:24

Opgave 7
Wit zet mat in 3.

Opgave 7

Oplossing

In deze stelling is het bijna mat in 2, maar na 1.Dxg7 0-0-0 kan de dame niet naar c3 om mat te geven.
Wit moet wel een dreiging hebben, anders is 1..Tc8 en dan 2..Tc1+ vervelend.
Na 1.Txh7 0-0-0 2.Ke2 kan zwart ontsnappen met bijvoorbeeld 2..Te8.
Het is dus handig om de lange rokade te voorkomen terwijl je al iets dreigt. 1.Dh2 dreigt 2.Dxh7, maar zwart kan bijvoorbeeld 1..h6 doen. 1.Dg5 is erg direct, en na 1..f6 2.Dxg7 f6 is de diagonaal onderbroken.

Misschien 1.Dg6 dan? In problemen moet je niet te snel een zet uitsluiten!
Er dreigt 2.Dxh7, waarbij wit na 1..0-0-0 mat kan zetten op c2.
Na 1..b3 slaat wit op g7, en dan is het veld op c3 vrijgekomen.
De dreiging 1..Tc8 is er ook uitgehaald, want daarop volgt mat met 2.De4+ Kd8 3.De7#
Op 1..fxg6 komt 2.0-0, en na 2..0-0-0 is 3.Tc1 mat!


Opgave 8
Wit neemt zijn laatste zet terug en zet mat in één. Met welke zet?

Opgave 8

Oplossing

Dit is een lastig probleem. Om te kunnen bepalen welke zet wit terug moet nemen moeten we eerst uitvinden wat de laatste zet van zwart daarvoor moet zijn geweest. Daarom moet je eerst de stelling goed bekijken op wat er opvalt.

a. De witte loper van c1 moet ook op veld c1 zijn geslagen, want de pionnen b2 en d2 staan nog op hun startveld en dus kan deze loper niet hebben bewogen. Dat betekent dat de witte loper op g7 een gepromoveerd stuk is! De enige witte pion die gepromoveerd kan zijn moet van veld a2 afkomstig zijn. De promotie moet zijn geweest op veld f8, want als de promotie op de velden b8 of d8 had plaatsgevonden, dan had de loper dat veld niet kunnen verlaten. De pionnen van zwart blokkeren dat immers.

b. Dat betekent dat de pion van a2 op de velden b3, c4, d5 , e6 en f7 een zwart stuk moet hebben geslagen. Dat betekent ook dat de pion op f6 al verplaatst is van f7, voordat de promotie op f8 plaatsvond. De zwarte pion op e6 is pas na het passeren van de witte pion op e6 terecht gekomen (van d7).

c. De geslagen zwarte stukken door de witte pion die is gepromoveerd waren: de zwarte dame, de 2 zwarte torens en de 2 zwarte paarden. De andere loper van zwart (op de zwarte velden) kan niet geslagen zijn, want de pion heeft immers alleen op witte velden geslagen. Aangezien de zwarte pion van d7 nog niet was verplaatst toen de witte pion op f7 zijn vijfde stuk sloeg, moet de pion op b6 al voor de promotie verplaatst zijn geweest. Waarom? De zwarte toren van a8 kon niet langs de zwarte loper van c8. De loper moest er eerst uit, zodat de zwarte toren geslagen kon worden.

d. De laatste zet van zwart was dus niet met de pionnen van b6 of f6. De laatste zet kan ook niet met de pion van g5 zijn geweest. Deze kan alleen vanaf g6 gezet zijn, maar dan had wit al schaak gestaan. Dit betekent dat de laatste zet van zwart met pion e6 (van d7) of met de koning (van e4) moet zijn geweest.

e. Als de laatste zet d7xe6 is geweest, dan heeft zwart op e6 de witte dame geslagen (het enige ontbrekende witte stuk). Maar als de witte dame op e6 stond, dan moet de zet van wit daarvoor De6 (schaak) zijn geweest. Het enige zwarte stuk dat daarvoor een zet heeft kunnen doen was de zwarte koning. De koning moet van e4 zijn gekomen. Op veld e4 stond de koning dan echter dubbelschaak. Het is onmogelijk dat de koning op e4 dubbelschaak is gezet door de loper op a8 en de toren op e2. Dus d7xe6 moet al eerder zijn gespeeld.


f. De laatste zet van zwart moet dus met de koning gedaan zijn vanaf veld e4. Dat is alleen mogelijk als de loper van a8 op veld h1 staat en de toren op g2 stond en verplaatst werd naar veld e2 (dubbelschaak). De zet daarvoor van zwart moet zijn geweest Kf3-e4 met schaak, want anders stond wit al schaak met de loper op d1.

g. Dit betekent dus dat wits laatste zet is geweest Lh1-a8. Als we deze zet terug nemen, dan kan wit mat zetten met Lh1-e4#. De laatste zetten waren dus:
…., Kf3-e4; Tg2-e2, Ke4- f5; Lh1-e4#
Gerard
 
Berichten: 39
Geregistreerd: di 19 okt 2010, 21:01

Schaakraadsels 2019 (oplossing opgave 9)

Berichtdoor Gerard » wo 06 nov 2019, 23:06

Opgave 9
Wit en zwart hebben precies 12 zetten gedaan. Geef de zetten.

Opgave 9

Oplossing

De 12 zetten voor zwart zijn redelijk makkelijk te zien. Er zijn 6 stukken die bewogen hebben en ze moeten allemaal 2 zetten hebben gedaan om op hun positie te komen. De zwarte koning is via f7 naar g8 verplaatst. De zwarte dame is via h4 naar a4 gegaan. De pion van b6 is via b5 naar b4 gegaan. De zwartveldige zwarte loper is via d6 naar g3 verplaatst en de witveldige zwarte loper is via a6 naar e2 gegaan. Het zwarte paard is tenslotte via e7 naar g6 verplaatst.

Dit betekent dat pion e7 op zijn beginveld geslagen moet zijn, want anders hadden de zwartveldige zwarte loper, het paard en de Koning niet hun huidige veld kunnen bereiken. Deze 3 stukken hebben dus pas kunnen zetten nadat op e7 is geslagen. Dit slaan moet dus al gebeurd zijn in de eerste 6 zetten.

Aangezien de pion van e2 alleen maar geslagen kan zijn op zijn beginveld of nadat hij gepromoveerd is, kan de pion op e7 alleen maar geslagen zijn door een wit paard. Het paard van b1 kan in 3 zetten op e7 slaan en het paard van g1 kan dat in 4 zetten.

Het leuke is dat als het paard van b1 op e7 is geslagen het niet mogelijk is dat het paard van g1 na een aantal paardensprongen op de twaalfde zet weer op g1 terug komt. Dit vergt namelijk altijd een even aantal zetten. Omgekeerd is het zo dat als het paard van g1 op de vierde zet op e7 slaat, het paard van b1 acht zetten later op g1 moet zijn aangekomen. Dit lukt ook niet, want dat vergt altijd een oneven aantal zetten!

De enige oplossing moet dus zijn dat de pion van e2 op e8 gepromoveerd moet zijn tot een paard en dat dat paard op e2 weer is geslagen.
De zettenvolgorde wordt dan:

1.Pc3 b5 2.Pd5 La6 3.Pxe7 Nxe7 4.e4! Pg6 5.e5 Ld6 6.e6 Kf8 7.e7+ Kg8
8.e8=P! Lg3 9.Pd6 Dh4 10.Pf5 Da4 11.Pd4 b4 12.Pde2 Lxe2
Gerard
 
Berichten: 39
Geregistreerd: di 19 okt 2010, 21:01


Keer terug naar Interne seniorencompetities

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers. en 0 gasten